Nieuwe opdrachten maken

20-2-2015

Het maken van opdrachten waarin een beroep wordt gedaan op hogere denkvaardigheden is tijdrovend en vereist over het algemeen veel creativiteit. Vaak zijn deze opdrachten ook alleen te gebruiken bij een specifiek onderwerp. Er bestaan echter ook generieke werkvormen waarin een beroep wordt gedaan op hogere denkvaardigheden. Deze werkvormen kunt u gebruiken bij verschillende onderwerpen en in verschillende leerjaren. Hieronder staan drie werkvormen die o.a. zijn ontleend aan de bundels Leren denken met aardrijkskunde en Meer leren denken met aardrijkskunde.

Welk Woord Weg?

Een werkvorm die bij veel onderwerpen gebruikt kan worden en relatief weinig tijd kost, is: 'Welk Woord Weg?' (of varianten daarvan zoals 'Welke Afbeelding Weg?'). Leerlingen krijgen één of meer reeksen van drie of vier begrippen, verschijnselen, gebieden/steden of gebeurtenissen. Bij elke reeks moeten zij beredeneren welk begrip, verschijnsel, etc. niet in het rijtje thuishoort. Bij deze werkvorm gaat het niet zozeer om het antwoord als wel om de redenering die leerlingen hebben gevolgd bij het beantwoorden. Een belangrijk kenmerk van dit soort opdrachten is dat er soms verschillende antwoorden mogelijk zijn. Om de discussie te bevorderen, verdient het aanbeveling deze opdracht in groepjes te laten maken en de opdracht klassikaal na te bespreken.

• Uitgewerkt voorbeeld van Welk beeld weg

Sudoku

De geografische Sudoku is een moeilijke werkvorm die bij nagenoeg elk onderwerp gebruikt kan worden. Leerlingen krijgen twaalf (of minder) begrippen voorgeschoteld. Negen daarvan moeten zij zodanig in de Sudoku plaatsen, dat elk begrip een relatie heeft met nevenstaand, onderstaand en/of bovenstaand begrip. In deze opdracht gaat het er dus om dat leerlingen leren relaties aan te brengen tussen begrippen om zodoende een beter begrip van het onderwerp te ontwikkelen. U kunt de opdracht iets eenvoudiger maken door het aantal begrippen tot negen te beperken, zodat de leerlingen zelf geen keuze hoeven te maken.

• Voorbeeld Sudoku hoofdstuk Arm en rijk vmbo 1 kgt van de Geo

Diamant

In de werkvorm diamant bepalen leerlingen het relatieve belang van negen begrippen, verschijnselen, gebeurtenissen en/of ontwikkelingen voor een onderwerp. Uiteraard kunnen leerlingen gewoon een lijstje maken waarin zij de belangrijkste begrippen, verschijnselen, gebeurtenissen en/of ontwikkelingen in volgorde van belangrijkheid plaatsen.
Gebruik van de werkvorm ´diamant´ heeft echter als voordeel dat leerlingen aan bepaalde items een even groot gewicht kunnen toekennen. Omdat niet het uiteindelijke resultaat bij deze werkvorm het belangrijkst is, maar de discussie, is het goed de opdracht in groepjes te laten maken en deze klassikaal na te bespreken, waarbij de motivatie voor de redenering bij de 'ranking' centraal staat. Uiteraard moeten de leerlingen bij deze opdracht criteria hanteren. U kunt de opdracht introduceren in een gesprek met alle leerlingen waarin u samen met hen deze criteria bepaalt. Uiteraard kunt u hierbij, zo nodig, sturend optreden. Maar u kunt de leerlingen de criteria ook vooraf geven.

• Uitgewerkt voorbeeld van een diamant.