Zoeken van opdrachten

20-2-2015

Aan opdrachten voor aardrijkskunde is geen gebrek. U vindt ze, bijvoorbeeld, in uw methode of op internet. Maar krijgen deze opdrachten dan ook het stempel 'hogere denkvaardigheden'?
Opdrachten die betrekking hebben op hogere denkvaardigheden kunnen allerlei vormen aannemen. Kenmerkend is dat er geen kant-en-klare oplossing wordt gepresenteerd maar de leerling eerst moet nadenken, kennis en vaardigheden combineert tot nieuwe kennis om zo tot een antwoord te komen.

Aan de hand van de screeningslist kunt u controleren of een opdracht aan de criteria voor een hogere denkvaardigheid voldoet.

Waar vindt u opdrachten?

Hieronder staan, ter inspiratie, per vaardigheid enkele voorbeelden:
Voorbeelden van analyseopdrachten:

  • Kaarten zijn een inspiratiebron voor het vak aardrijkskunde. Op veel kaarten zijn patronen te ontdekken. Stel vragen over patronen die niet direct zichtbaar zijn. Een leerling zal de kaart goed moeten analyseren. Uit een kaart kan een patroon gehaald worden bijvoorbeeld over neerslagverdeling in Europa.
  • Tegenwoordig zijn op internet grote databestanden te vinden. Door met gerichte vragen databestanden te analyseren, komt relevante geografische informatie tevoorschijn. Hoe is de spreiding van 65+-ers in Nederland?
  • Uit een foto kan worden afgeleid om welk stukje aarde het gaat. Bekijk de foto, waar op aarde is dit?

Voorbeelden van evaluatieopdrachten:

  • Is de schrijver van de bron voor of tegen iets?
  • Biedt de bron de informatie die ik nodig heb om een antwoord op mijn vraag te geven?
  • Welke bron geeft de meest betrouwbare informatie voor het beantwoorden van een vraag?
  • Varianten van aanleg van een snelweg worden beoordeeld op leefbaarheid en kosten. In scenario 1 kost de aanleg van de snelweg 5 miljoen euro en is rekening gehouden met de aanleg van een geluidsscherm voor de woonwijk naast de snelweg en met ‘stil’ asfalt. In scenario 2 kost de aanleg 3 miljoen euro zonder geluidsscherm en met goedkoop asfalt. Welk scenario kies jij en waarom?
  • De definitie van het begrip wereldstad en megastad worden opgesteld. Wanneer is een stad een wereldstad en wanneer een megastad?

Voorbeelden van opdrachten waarbij leerlingen iets moeten creëren:

  • Maak een collage waarin je een beeld geeft van de leefbaarheid in jouw wijk.
  • Teken een volledig bodemprofiel van een bodemtype bij jou in de buurt met benaming en een korte toelichting (Wereldwijs 3 vwo, 4e druk 2010).
  • Schrijf een brief aan de burgemeester waarin je hem/haar advies geeft over het voorgenomen plan van de gemeente om alle sportvelden naar één locatie te brengen.
  • Maak een kaart van de eigen omgeving aan de hand van enkele criteria.
  • Formuleer verschillende theorieën over het ontstaan van de gebergten.